Mag een mede-eigenaar een laadpaal plaatsen?

terug naar Wist u dat?  of   terug naar startpagina

 

De nieuwe Appartementswet zorgt ervoor dat de mede-eigenaars sinds 1 januari 2019 eenvoudiger in de gemene delen van het gebouw kabels, leidingen en bijbehorende faciliteiten kunnen aanleggen. Voor welke werken geldt die nieuwe regeling? Welke procedure moet een mede-eigenaar die werken wil uitvoeren nu naleven? Wat kunt u ondernemen als u het niet eens bent met de geplande werken?

 

 

Wettelijk recht. De nieuwe wet (wet van 18.06.2018, BS 0207.2018) zorgt ervoor dat de mede-eigenaars soepeler toegang krijgen tot moderne energie- en communicatiemiddelen. Elke individuele mede-eigenaar en de erkende nutsoperatoren hebben voortaan een wettelijk en kosteloos recht om in de gemene delen van een gebouw kabels, leidingen en bijbehorende faciliteiten aan te leggen, te onderhouden of te vernieuwen (art. 577-2, ß10 BW) . Enkel werken die de optimalisatie van de infrastructuur van eigenaar(s) en gebruiker(s) van de betrokken privatieve delen op het vlak van energie, water of telecommunicatie tot doel hebben, komen in aanmerking. 

Welke werken? Het recht heeft in elk geval betrekking op kabels en leidingen voor nutsvoorzieningen. Wat precies bedoeld wordt met ‘bijbehorende faciliteiten’ is minder duidelijk. Uit de voorbereidende werken blijkt dat deze bepaling niet kan ingeroepen worden om zonnepanelen te plaatsen. Daarvoor is dus nog steeds een beslissing van de algemene vergadering nodig, met een 4/5 meerderheid. Elke mede-eigenaar kan zich bv. wel op de nieuwe wet beroepen om in de gemene delen de nodige kabels aan te leggen om een laadpaal te kunnen plaatsen in zijn privatieve garage of parkeerplaats. Of de nieuwe regeling het plaatsen van schotelantennes mogelijk maakt, is op dit moment niet echt duidelijk. 

Wie betaalt? De kosten van de aanleg van de kabels en leidingen zijn voor diegene die ze wil aanleggen, tenzij de maatschappij die de nutsvoorzieningen levert ze ten laste wil nemen. De vereniging van mede-eigenaars (VME) draait dus niet op voor die kosten. Anderzijds kan de VME van de betrokken mede-eigenaar ook geen vergoeding vragen om de leidingen of kabels door de gemene delen te mogen leggen. De mede-eigenaar die deze infrastructuur op zijn kosten aangelegd heeft, blijft eigenaar ervan. De andere mede-eigenaars of de VME mogen daar zonder zijn toestemming dus geen gebruik van maken (bv. door ‘te koppelen’ aan deze leidingen of kabels). 

Procedure. Een mede-eigenaar of nutsmaatschappij die infrastructuur wil aanbrengen in de gemene delen van het gebouw, moet een notificatieprocedure doorlopen. Minstens twee maanden voorafgaand aan de werken moet de nutsmaatschappij of de mede-eigenaar de overige mede-eigenaars en de syndicus per aangetekende brief in kennis stellen van de geplande werken en de beoogde optimalisatie. Als de mede-eigenaars binnen die termijn van twee maanden niet reageren, dan mogen de werken uitgevoerd worden. De werken moeten zo gerealiseerd worden dat ze de minste hinder voor de bewoners veroorzaken. De mede-eigenaars en de syndicus kunnen de werken te allen tijde (laten) opvolgen en er nadere informatie over opvragen bij de betrokken mede-eigenaars of bij de nutsoperator. 

Zelf uitvoeren. De VME of de mede-eigenaars kunnen ook beslissen om de voorgestelde werken zelf uit te voeren. Zij dragen dan de kosten en worden vanzelfsprekend ook eigenaar van de aangelegde infrastructuur. De werken moeten in dat geval wel uiterlijk binnen een termijn van zes maanden na de ontvangst van de aangetekende brief starten. 

Verzet. De VME kan zich tegen het uitvoeren van de geplande werken verzetten. Is er geen VME (bv. in een klein appartementsgebouw), dan kunnen de andere mede-eigenaars verzet aantekenen. De VME of de andere mede-eigenaars moeten dan binnen de twee maanden na de ontvangst van de aangetekende aanvraag reageren door zelf een aangetekende brief te sturen naar de betrokken mede-eigenaar. Deze termijn van twee maanden is een vervaltermijn. Als die termijn niet gerespecteerd wordt, dan kan de aanvrager de werken dus uitvoeren. 

Rechtmatig belang. Het verzet kan de uitvoering van de werken enkel verhinderen indien er sprake is van een rechtmatig belang. Dat is ten eerste het geval als er zich reeds dergelijke infrastructuur bevindt in de gemene delen. Daarnaast is er ook sprake van een rechtmatig belang indien de infrastructuur of de werken tot realisatie ervan belangrijke schade veroorzaken op het vlak van het uitzicht van het gebouw of de gemene delen, het gebruik van de gemene delen of de hygiŽne of de veiligheid ervan. Ten slotte is verzet aantekenen ook mogelijk als de voorziene werken niet leiden tot een optimalisatie van de infrastructuur of als de voorziene werken de financiŽle lasten verzwaren van de andere mede-eigenaars of gebruikers. Als de aanvrager het verzet onterecht vindt, dan is het uiteindelijk de vrederechter die het laatste woord heeft. 

Ruim toepassingsgebied. De nieuwe regeling geldt niet enkel in gebouwen waarop de Appartementswet van toepassing is, maar ook in alle andere gebouwen met mede-eigendom, die van de toepassing van de Appartementswet uitgesloten zijn, bv. omdat er weinig kavels en weinig gemene delen zijn. 

Een mede-eigenaar mag op zijn kosten leidingen en kabels leggen in de gemene delen van het appartementsgebouw, maar enkel wanneer de werken de optimalisatie van de infrastructuur van zijn privatief deel op het vlak van energie, water of telecommunicatie tot doel hebben. Dat is bv. het geval wanneer iemand een laadpaal wil plaatsen in zijn garage of parkeerplaats. De mede-eigenaar moet de syndicus en de andere mede-eigenaars aangetekend van zijn plannen op de hoogte brengen, waarna er twee maanden de tijd is om verzet aan te tekenen. Daarvoor is een rechtmatig belang nodig. Bij gebrek aan reactie binnen deze termijn mag de mede-eigenaar de werken zonder meer (laten) uitvoeren.

 

 

terug naar Wist u dat?  of   terug naar startpagina